Werkkostenregeling

Werkkostenregeling

Concernregeling werkkostenregeling

Het is mogelijk om de vrije ruimte te benutten van alle vennootschappen waar u directeur groot aandeelhouder van bent als u minimaal 95% van de aandelen in uw bezit heeft van de dochterondernemingen.U kunt dus bijvoorbeeld alle kerstpakketten via één onderneming bestellen en hoeft dit dus niet door te factureren naar de andere ondernemingen of apart te bestellen bij de crediteur.

De actuele  informatie over de vrije ruimte van alle ondernemingen kunt u vinden in NMBRS, onder de loonrun van de laatste maand.

U kunt dan zien hoeveel vrije ruimte er in het jaar 2018 nog over is voor o.a. kerstpakketten, personeelsuitjes, verjaardag cadeaus.

 

Toelichting werkkostenregeling t.b.v. administratie

Als er op het eind van het jaar nog vrije ruimte over is dan is het ook mogelijk om eventuele bonussen of niet aanwijsbare onkostenvergoedingen uit te keren aan personeel of aan u zelf als DGA.

Dit kan dan vrij van belasting, er is dan dus geen loonbelasting verschuldigd.

Het is dus belangrijk dat u de kosten die vallen onder de werkkostenregeling goed administreert zodat u in december 2018 weet hoeveel vrije ruimte er nog over is.

De bedragen moet u inclusief BTW meenemen voor de werkkostenregeling.

Zorg ervoor dat u onder de grens van de werkkostenregeling blijft want anders krijgt u een naheffing voor de loonbelasting van 80% boven het maximale bedrag in de vrije ruimte.

Heeft u nog vragen, neem dan contact met ons op (013-5340001).

 

Een Exitgesprek helpt bij ontwikkeling van uw organisatie

Een Exitgesprek helpt bij ontwikkeling van uw organisatie

Het is niet altijd leuk als een werknemer uit dienst treedt, maar de werkgever kan zijn/haar vertrek aangrijpen voor een exitgesprek. Als zo’n gesprek goed wordt uitgevoerd, levert dat waardevolle informatie op over de verbeterpunten van een team, afdeling of zelfs bij kleinere bedrijven de hele organisatie.

De leidinggevende doet er goed aan om met vertrekkende werknemers een exitgesprek te houden. De toekomstige ex-werknemer neemt met zijn vertrek de nodige kennis en ervaring mee en kan de werkgever daarom interessante informatie geven. Tijdens een exit gesprek kunnen verschillende onderwerpen aan bod komen, zoals:

1) De arbeidsinhoud: hoe heeft de werknemer de functiezwaarte ervaren?
2) De arbeidsbelasting: ervoer de werknemer in de functie psychische of lichamelijke belasting?
3) De arbeidsomstandigheden: voelde de werknemer zich veilig tijdens zijn werk? Was er ruimte voor diversiteit?
4) De arbeidsvoorwaarden: was de werknemer tevreden over zijn arbeidsvoorwaardenpakket? Waren er voldoende opleidingsmogelijkheden?
5) De arbeidsverhoudingen; hoe was de relatie met de leidinggevende en collega’s? Wat vond de werknemer van de werksfeer?

Door de informatie uit het exitgesprek vast te leggen in een verslag staat er zwart op wit wat mogelijke verbeterpunten zijn voor de organisatie op de korte of lange termijn. Dit is met name nuttig als er binnen de organisatie een hoog verloop van personeel is.

Alternatief: het post-exitgesprek

Een valkuil is dat de leidinggevende het exitgesprek te vroeg inplant. Als de vertrekkende werknemer na het gesprek nog een paar weken op de afdeling werkt, zal hij niet snel het achterste van zijn tong laten zien en durven aangeven dat bijvoorbeeld de leidinggevende de grootste reden van zijn vertrek is. Het exitgesprek moet daarom zo laat mogelijk worden ingepland. Om deze reden voeren veel organisaties ook post-exitgesprekken: ze vragen de werknemer of ze hem/haar één tot twee maanden na zijn/haar vertrek mogen bellen.

Indien u nog vragen heeft verzoeken wij u contact op te nemen (013-5340001).

Verhoging wettelijk minimumloon.

Verhoging wettelijk minimumloon.

De overheid heeft besloten het wettelijk minimumloon in 2 stappen aan te passen. Momenteel ontvangen werknemers van 23 jaar en ouder het volledige wettelijk minimumloon (€ 1.551,60 fulltime per maand). Jongere werknemers krijgen een vast percentage van dit wettelijk minimumloon.

STAP 1:

Met ingang van 1 juli 2017 gaat het vaste percentage voor 18-, 19-, 20-, en 21-jarigen omhoog. Voor 22-jarigen gaat dit naar 100%.

STAP 2:

Met ingang van 1 juli 2019 stijgt het percentage voor 18-, 19-, en 20-jarigen verder, 21-jarigen ontvangen vanaf dat moment ook 100%, dus het volledige wettelijk minimumloon.

STAPPENPLAN

Leeftijd                                  Nu               Vanaf 1-7-2017          Vanaf 1-7-2019

23 jaar en ouder                     100%           100%                               100%

22 jarigen                                85%              100%                               100%

21 jarigen                                72,5%           85%                                 100%

20-jarigen                               61,5%           70%                                 80%

19-jarigen                               52,5%           55%                                 60%

18-jarigen                               45,5%           47,5%                              50%

17-jarigen                               39,5%           39,5%                              39,5%

16-jarigen                               34,5%           34,5%                              34,5%

15-jarigen                               30%              30%                                 30%

Deze maatregelen leiden voor werkgevers tot hogere loonkosten, wat vervolgens weer van invloed kan zijn op de werkgelegenheid van jongeren. Daarom heeft de overheid een aantal maatregelen genomen om dit zoveel mogelijk te voorkomen.

Werkgevers moeten 21- en 22-jarigen het volledige minimumloon gaan betalen. Voor werknemers die meer dan 1248 uur per kalenderjaar werken kunnen zij een deel van de loonkostenstijging terugkrijgen. Dit gaat via een compensatieregeling, Lage-inkomensvoordeel (LIV). Vanaf stap 1 geldt deze regeling alleen nog voor 22-jarigen. Vanaf stap 2 geldt dit ook voor 21-jarigen.

Werkgevers moeten 18- tot en met 21-jarigen meer minimumloon gaan betalen. Zij kunnen een deel van hun loonkostenstijging terugkrijgen via de compensatieregeling. Tegemoetkoming verhoging minimumjeugdloon. Vanaf stap 2 geldt deze regeling niet meer voor 21-jarigen. Voor hen kunnen werkgevers dan gebruikmaken van het Lage-inkomensvoordeel (LIV).

Werkgevers die leerwerkplekken aanbieden hoeven het verhoogde minimumjeugdloon niet te betalen aan 18-, 19- en 20-jarigen. Ze moeten dit wel betalen aan 21- en 22-jarigen. Maar hiervoor kunnen zij dan weer gebruikmaken van de compensatieregeling, Lage-inkomensvoordeel (LIV). En zo een deel van hun loonkostenstijging terugkrijgen.

Ondanks de compensatieregelingen zal deze maatregel leiden tot hogere loonkosten!

Mocht u naar aanleiding van deze informatie vragen hebben over deze wijziging, neemt u dan contact op met onze loonafdeling, zij staan u graag te woord (013-5340001).

 

Bijverdienen?

Let op bijverdiengrens

De zomer komt er weer aan!
Naast hopelijk mooi weer betekent dit ook dat uw werknemers met zomervakantie gaan. Veel bedrijven vangen dit op met studenten. Deze vakantiekrachten werken voor een korte periode of in de zomer meer dan gebruikelijk voor uw bedrijf.

Grensbijverdiensten.
Het is verstandig deze (tijdelijke) medewerkers te wijzen op de zogeheten “bijverdiengrens”. Afhankelijk van hun type studiefinanciering is het mogelijk dat er een grens is gesteld aan hun maximale bijverdiensten. Verdient de student in heel 2017 meer van € 14.215,75 dan moet hij mogelijk een deel van zijn studiefinanciering terugbetalen.

Verschil stelstel.
Dit geldt alleen voor studenten die onder het oude stelsel van studiefinanciering (vóór 1 september 2015) vallen.

Tip.
Studenten die onder het nieuwe leenstelsel vallen, hoeven geen rekening te houden met een bijverdiengrens.

Voor vragen of advies neem contact met ons op (013-5340001).

Bent u alvast kerstpakketten aan het uitzoeken voor uw personeel? Dan dient u rekening te houden met de werkkostenregeling.

KERSTPAKKETTEN

Bent u alvast kerstpakketten aan het uitzoeken voor uw personeel? Dan dient u rekening te houden met de werkkostenregeling.

Veel ondernemers beginnen in deze tijd van het jaar al met het uitzoeken van kerstpakketten voor hun personeel. Daarbij verdienen de fiscale regels in de werkkostenregeling bijzondere aandacht. Deze regels vervangen sinds 1 januari 2015 de oude regelingen voor vergoedingen en verstrekkingen.

Door de werkkostenregeling hoeft u zich niet meer te verdiepen in allerlei verschillende regelingen. Zo gelden voor het kerstpakket nu dezelfde regels als voor bijvoorbeeld een fiets die wordt aangeschaft voor de werknemers. Waar moet u op letten bij de werkkostenregeling?

Kerstpakketten in de werkkostenregeling

Voor een fiscaal vriendelijk kerstpakket moet u dus de vrije ruimte goed in het oog houden.

Kerstpakketten aan ingeleend personeel

Voor verstrekte kerstpakketten / -geschenken aan ingeleend personeel geldt een aangepaste regeling. Bij dergelijke verstrekking bent u een eindheffing verschuldigd van 45% voor zover de waarde in het economisch verkeer van de verstrekking maximaal € 136,– bedraagt! Voor verstrekkingen met een hogere waarde in het economisch verkeer is een eindheffing van 75% verschuldigd!

Let op

Raadpleeg altijd even uw relatiebeheerder of onze loonafdeling om te checken hoe de regels uitwerken in uw situatie. Dan ziet u niets over het hoofd!

kerst-lde-2kerst-man-lde

Lager gebruikelijk loon voor startups

Oprichters van startups zijn vanaf 2017 niet langer verplicht om zichzelf een gebruikelijk loon toe te kennen van € 44.000,–. Gedurende de eerste drie jaar mogen zij zichzelf een salaris uitbetalen dat minimaal het minimumloon bedraagt. Dit hebben minister Kamp van Economische zaken en staatssecretaris  Wiebes van Financiën bekend gemaakt.

Het kabinet heeft € 50 miljoen beschikbaar gesteld om startups en doorgroeiende bedrijven een extra boost te geven. De regering gebruikt een deel van het geld om te investeren in startups in het midden- en kleinbedrijf. Met het resterende geld wil het kabinet de gebruikelijkloonregeling versoepelen. Zo blijft er voor startups meer geld over om te investeren in vernieuwingen en kunnen ze makkelijker doorgroeien.

Meest vergelijkbare dienstbetrekking

Een directeur-grootaandeelhouder (dga) moet zich volgens de gebruikelijkloonregeling in 2016 minimaal € 44.000,– uitbetalen. Hij mag afwijken van dit bedrag, maar dan moet hij wel aannemelijk maken dat een lager loon bij een meest vergelijkbare dienstbetrekking van een werknemer, die gaan dga is, gebruikelijk is.

Gebruikelijk loon minimaal stellen op de hoogte minimumloon

In de wereld van startups is het echter zeer ongebruikelijk dat een oprichter zichzelf een salaris toekent van € 44.000,–. Vanaf 2017 wordt daarom de gebruikelijkloonregeling voor startups versoepeld. Gedurende de eerste drie jaar van de startup mogen oprichters zichzelf een salaris uitbetalen dat minimaal het minimumloon bedraagt. Het is nu al mogelijk om in overleg met de belastingdienst het gebruikelijk loon te verlagen, maar vanaf volgend jaar wordt dit dus wettelijk vastgelegd.

 

Hoera DBA?


Hoera DBA?

Wij hebben al eerder een blog besteed aan de overgang van VAR naar DBA op 1 mei jl. en de effecten daarvan op ZZP-ers/kleine zelfstandigen. Anders dan onder de regeling VAR, kan er namelijk gesteld worden dat een opdrachtnemer (lees: kleine zelfstandige/ZZP-er), in loondienst is bij de opdrachtgever. Gevolg hiervan is dat er voor de ZZP-er loonbelasting, premies werknemersverzekeringen en pensioenpremie afgedragen moet worden.

Ondertussen begint de daadwerkelijke overgang duidelijker te worden. Door middel van dit blog, brengen wij u op de hoogte van de laatste stand van zaken.

Opdrachtnemer

Hoewel ingegaan op 1 mei 2016, zal de wet DBA (“Deregulering Beoordeling Arbeidsrelatie”) pas vanaf 1 mei 2017 -ook voor de twijfelgevallen- volledig van kracht zijn. Op dit moment kunnen daardoor drie situaties bestaan voor de kleine zelfstandige:

  1. Uw situatie is duidelijk die van opdrachtnemer: U wordt ingehuurd om een werk (stoffelijk of on-stoffelijk van aard) tot stand te brengen en u kunt die opdracht naar eigen kennis en voorkeuren uitvoeren.
    => U bent niet in loondienst, uw opdrachtgever hoeft geen loonheffing of premies af te dragen.
    Een goedgekeurde DBA overeenkomst is niet nodig.
  2. Uw situatie is duidelijk die van een werknemer: U wordt ingehuurd om onder toezicht van uw opdrachtgever, volgens zijn aanwijzingen en planning en met zijn machines/werktuigen werkzaamheden te verrichten.
    => U bent in loondienst en uw opdrachtgever is loonheffing en premies werknemersverzekering (en eventueel pensioenpremies) verschuldigd.
    Een DBA goedgekeurde overeenkomst biedt uw opdrachtgever geen bescherming tegen die afdracht-plicht.
  3. U bent een twijfelgeval: Uw situatie voldoet niet aan alle kenmerken van de opdracht, maar er is ook meer zelfstandigheid dan past bij een zuiver dienstverband.
    => U kunt uiterlijk tot 1 mei 2017 blijven werken als voorheen, maar wordt geacht dit jaar te besteden aan het aanpassen van uw werkwijze zodat deze overeenkomt met een DBA goedgekeurde Modelovereenkomst. Dat mag een algemene overeenkomst zijn of een branche-specifieke zoals die door de fiscus al gepubliceerd is en nog steeds gepubliceerd worden, of een eigen overeenkomst waarop de belastingdienst haar akkoord gegeven heeft en die we specifiek aanpassen aan uw situatie (Maatwerk).

Opdrachtgever

Het risico, zo blijkt uit het vorenstaande, ligt vanaf 1 mei 2016 bij de opdrachtgever! Hoewel er tot 1 mei 2017 nog geen gerichte controle van de Belastingdienst zal plaatshebben, zodat bedrijven de kans hebben om de zaken te regelen waar dat nodig is, loopt u als opdrachtgever sinds die datum het risico op afdracht van loonbelasting en premies.

Een dergelijke heffing bij u als opdrachtgever kan worden voorkomen middels 1 van onderstaande opties:

  1. Het gebruiken van en werken volgens een DBA goedgekeurde Modelovereenkomst . Algemeen, via uw brancheorganisaties of specifiek voor uw bedrijf afgestemd.
  2. Het in dienst nemen van uw opdrachtnemer c.q. het werken met eigen personeel.

Graag bekijken we uw situatie en komen we tot een concreet plan om ook uw situatie DBA bestendig te maken. U kunt hiervoor contact opnemen met uw relatiebeheerder of met mr. Eric van Erve (fiscalist), 013-5340001.

 

 

 

Motor van de zaak

Motor van de zaak

In plaats van een auto van de zaak kan ook een motor ter beschikking worden gesteld.

Als de motor ook privé wordt gebruikt moet de waarde van dat privé gebruik gecorrigeerd worden. Voor de motor geldt geen forfaitaire bijtelling, maar dat betekent niet dat er bij de motor geen sprake is van een correctie.

De waarde van het privé gebruik is het aantal privé verreden kilometers maal de werkelijke kilometerkosten. Het is belangrijk dat u dit goed vast legt, zodat dit bij een eventuele controle kan worden overlegd.

De BTW op de aanschaf van de motor en alle andere kosten van de motor kunnen worden terug gevorderd.. Alle kosten en afschrijvingen komen ten laste van de onderneming.

Uiteraard kunt u ook een privé motor gebruiken voor zakelijke kilometers. Belastingvrij kan er dan € 0,19 per kilometer worden vergoed door de onderneming.

Heeft u vragen neem contact met ons op, 013-5340001.

motorcycle-1306584_1920

Minimumlonen per 1 juli 2016

Dit zijn de minimumlonen per 1 juli 2016

 

Het wettelijk minimumloon zal per 1 juli a.s. licht stijgen.

Het bruto wettelijk minimumloon bedraagt per 1 juli 2016 € 1.537,20 per maand, € 354,75 per week en € 70,95 per dag.

 

Minimumuurloon

Het bruto minimumloon per uur voor een werknemer van 23 jaar en ouder bij een fulltime dienstverband van resp. 36, 38 of 40 uur per week bedraagt per 1 juli 2016:

36-urige werkweek       €               9,86

38-urige werkweek       €               9,34

40-urige werkweek       €               8,87

 

Minimumjeugdloon

Werknemers jonger dan 23 jaar hebben recht op een vastgesteld percentage van het bruto wettelijk minimumloon. Het wettelijk minimumjeugdloon bedraagt per 1 juli 2016:

22 jaar                           €        1.306,60  per maand (85%)

21 jaar                           €        1.114,45  per maand (72,5%)

20 jaar                           €           945,40  per maand (61,5%)

19 jaar                           €           807,05  per maand (52,5%)

18 jaar                           €           699,45  per maand (45,5%)

17 jaar                           €           607,20  per maand (39,5%)

16 jaar                           €           530,35  per maand (34,5%)

15 jaar                           €           461,15  per maand (30%)

 

Schrappen minimumjeugdloon vanaf 21 jaar

Het kabinet wil de leeftijd waarop het wettelijk minimumloon voor volwassenen ingaat stapsgewijs verlagen. De afschaffing gebeurt in twee stappen: volgend jaar en in 2019. In de eerste stap wordt de leeftijd verlaagd naar 22 jaar. De leeftijd zal vervolgens verlaagd worden naar 21 jaar. Ook wordt de minimumjeugdloonstaffel voor jongeren van 18, 19 en 20 jaar aangepast.
Mocht u vragen hebben omtrent het minimumloon, dan wel de toekomstige aanpassingen, aarzel niet en neem contact op met onze loonafdeling, zij staan u graag te woord.

Bankbiljetten

Geld voor het oprapen als u als bedrijf leerlingen begeleid

 

Bent u met uw organisatie het afgelopen studiejaar bezig geweest met het begeleiden van o.a. vmbo, mbo-bbl, hbo-leerlingen in de sector techniek of landbouw en natuurlijke omgeving?

Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap stimuleert de werkgevers die studenten praktijkleerplaatsen en werkleerplaatsen aanbieden. Hiermee geeft het ministerie een tegemoetkoming in de  begeleidingskosten die bedrijven in het afgelopen schooljaar hebben gemaakt tot een maximaal bedrag van € 2.700,00 per leerling.

Dankzij de regeling kunnen leerlingen, deelnemers, studenten of werknemers die een beroepsopleiding volgen, zich beter voorbereiden op de arbeidsmarkt en kunnen werkgevers beschikken over beter opgeleid personeel.

Doel
De subsidie is een tegemoetkoming voor de kosten die een werkgever maakt voor de begeleiding van een leerling, deelnemer of student. Ook is de subsidie een tegemoetkoming in de loon- of begeleidingskosten van een promovendus of technologisch ontwerper in opleiding (toio).

De subsidieregeling richt zich vooral op:

  • Kwetsbare groepen op de arbeidsmarkt bij wie jeugdwerkloosheid een groot probleem is;
  • Studenten die een opleiding volgen in sectoren waar een tekort ontstaat aan gekwalificeerd personeel
  • Wetenschappelijk personeel dat onmisbaar is voor de Nederlandse kenniseconomie.

Aanvragen

U kunt een subsidieaanvraag indienen voor het studiejaar 2015-2016 vanaf 2 juni 2016 tot en met 15 september 2016 (17.00 uur). Een subsidieaanvraag dient u in na afloop van de begeleiding in het betreffende studiejaar. Voor de aanvraag gebruikt u gegevens die al in uw bezit zijn zoals de (praktijkleer)overeenkomst.

Voorwaarden subsidie

Als u in aanmerking wilt komen voor subsidie, moet u aan een aantal voorwaarden voldoen. Klik op de onderwijs categorie voor meer informatie:

Administratie

Het uitgangspunt is wel dat de werkgever bij de begeleiding van een deelnemer al beschikt over de benodigde administratie. De bewijslast ligt bij de werkgever. Deze moet per deelnemer de administratie kunnen tonen, wanneer het RVO hier om vraagt en een bewaarplicht van 5 jaren.

Wilt u gebruik maken van deze subsidieregeling, neemt u dan contact met ons op.