Overgangsjaar youngtimer: extra tijd!

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Staatssecretaris Heijnen biedt een overgangsregeling voor auto’s die in 2025 15 jaar oud zijn geworden. Mogelijk profiteert u hierdoor langer van een lagere bijtelling voor het privégebruik van uw youngtimer in 2026. Hoe werkt deze regeling?

Wat houdt de overgangsregeling in?

Belangrijke goedkeuring. 
De staatssecretaris heeft een beleidsbesluit gepubliceerd waarmee auto’s die in 2025 15 jaar oud zijn geworden, heel 2026 onder de youngtimerregeling kunnen blijven vallen. Dit is vooruitlopend op wetgeving. Normaal gesproken zou per 1 januari 2026 de reguliere bijtelling over de cataloguswaarde van toepassing zijn tot het moment dat de auto 16 jaar wordt. Nu kunt u toch nog profiteren van een bijtelling van 35% berekend over de waarde in het economisch verkeer.

Reden voor maatregel. 
Het amendement Grinwis/Oosterhuis bij het Belastingplan 2026 verhoogt de leeftijdsgrens voor de youngtimerregeling naar 16 jaar in 2026 en 25 jaar in 2027. Eerste Kamerleden vroegen om een overgangsregeling, omdat het anders lastig of vrijwel onmogelijk is om te anticiperen op de nieuwe regels.

Welke auto’s komen in aanmerking?

Strenge voorwaarden. 
Alleen auto’s die in de loop van 2025 precies 15 jaar zijn geworden en al in 2025 ter beschikking staan aan dezelfde werknemer of ondernemer komen in aanmerking.

Keuzeregeling. 
U kunt er echter ook voor kiezen om de standaardbijtelling toe te passen in de overgangsregeling als die gunstiger is. Dit zal echter slechts gelden in zeer uitzonderlijke situaties. De overgangsregeling stopt per 1 januari 2027.

Voorbeeld. 
Uw onderneming heeft een auto uit 2010 die in juli 2025 15 jaar is geworden. Deze is ter beschikking gesteld aan dezelfde werknemer sinds begin 2025. Het gehele jaar 2026 kunt u de youngtimerregeling nog toepassen. Indien de berijder van de auto wisselt, dan vervalt echter de overgangsregeling. Zonder de overgangsregeling zou u vanaf 1 januari 2026 terug de reguliere bijtelling moeten toepassen en vanaf juli 2026 pas weer de youngtimerregeling.

Wanneer gaat het gelden?

Direct effectief. 
Het besluit werkt na publicatie in de Staatscourant, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026. U bent niet verplicht de overgangsregeling te gebruiken. De Belastingdienst past dit toe in aangiften inkomstenbelasting en loonheffingen. Uiterlijk 1 januari 2027 volgt wetgeving.

Geen budgettair risico. 
De regeling heeft geen extra kosten voor de schatkist, want het volgt de geest van het amendement.

Voorlopige aanslagen 2026: betaal ná de dagtekening

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

De voorlopige aanslagen ontvangt u vanaf dit moment via de gebruikelijke kanalen zoals Service Bericht Aanslag. Vanaf eind december 2025 ziet u deze in de Berichten box in Mijn Belastingdienst. De papieren te betalen voorlopige aanslag wordt in januari 2026 bezorgd.

Als u vóór de dagtekening betaalt, is het mogelijk dat de systemen van de Belastingdienst de betalingen nog niet kunnen verwerken. Daardoor stort de Belastingdienst de bedragen terug.

Let op!

De uiterste betaaldatum is afhankelijk van de betaalwijze. In de betaalinformatie staat de juiste uiterste datum waarop het totale aanslagbedrag op de rekening van de Belastingdienst moet staan. Maakt u gebruik van termijnbetalingen, dan gelden daarvoor de uiterste betaaldatums die in de betaalinformatie staan.

Controleren en wijzigen

De Belastingdienst berekent de voorlopige aanslag op basis van de laatste definitieve aanslag inkomstenbelasting of voorlopige aanslag van het voorgaande jaar. Controleer daarom altijd de gegevens zorgvuldig en pas deze zo nodig aan.

U kunt de voorlopige aanslag online wijzigen op Mijn Belastingdienst. Dat kan ook later in het jaar, als iets in de persoonlijke of financiële situatie verandert. Zo voorkomt u dat u bij de definitieve aanslag ineens een groot bedrag moet (terug)betalen. Meer informatie hierover vindt u in Voorlopige aanslag: inkomstenbelasting.

Mocht u zelf uw voorlopige aanslag willen wijzigen dan kan dit hier: In 4 stappen zelf online uw voorlopige aanslag 2026 wijzigen.

Eindejaarstips inkomstenbelasting aftrekposten 2025

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

1. Betaal aftrekposten op tijd

Wil je zorgkosten, giften of andere uitgaven nog in 2025 aftrekken? Zorg er dan voor dat de betalingen vóór 31 december zijn verwerkt. Niet elke bank boekt het geld direct door, dus wacht niet tot de laatste dag.

2. Plan aftrekposten slim

Bereikte je in 2025 de AOW-leeftijd en is je inkomen dit jaar én volgend jaar lager dan €38.883? Dan kun je fiscaal voordeel halen door aftrekposten naar voren te halen. Denk aan het vooruitbetalen van hypotheekrente, het vervroegen van een geplande gift of het naar voren halen van zorgkosten.

3. Bundel je giften

Giften aan goede doelen, kerken of culturele instellingen kun je aftrekken, maar alleen als ze boven de drempel uitkomen. Die drempel is 1% van je drempelinkomen (minimaal €60). Daarboven zijn giften aftrekbaar, tot maximaal 10% van je inkomen. Voor fiscaal partners is de drempel 1% van het gezamenlijke drempelinkomen. Voor culturele instellingen geldt een extraatje: je mag 25% méér aftrekken, met een maximum van €1.250. Let wel: dit maximum verdubbelt niet voor fiscaal partners. Bundel giften die je over meerdere jaren wilt doen in 1 jaar. Dan heb je maar 1 keer last van de drempel en profiteer je sneller van belastingvoordeel.

LET OP: Check vooraf of de organisatie een ANBI-verklaring heeft. Alleen dan is je gift aftrekbaar. Je vindt het overzicht op belastingdienst.nl/anbi of vraag het direct bij de instelling.

4. Let op bij giften in natura

Giften in natura boven €10.000 zijn alleen aftrekbaar met een onafhankelijke waardebepaling. Dat kan bijvoorbeeld met een taxatierapport van een erkend taxateur. Soms is een recente aankoopfactuur genoeg om de waarde aan te tonen.

Voor kleinere giften in natura (onder de €10.000) volstaat een bon. Zorg dat daarop duidelijk staat wat je hebt geschonken, wat de waarde was op het moment van donatie én dat de organisatie de bon heeft voorzien van stempel en handtekening.

5. Plan aftrekbare zorgkosten

Niet alle zorgkosten krijg je vergoed, maar veel daarvan mag je wel aftrekken in je belastingaangifte. Dat geldt voor kosten die je voor jezelf maakt, maar ook voor kosten voor:

  • je kinderen jonger dan 27 jaar
  • gehandicapte huisgenoten ouder dan 27 jaar
  • inwonende ouders, broers of zussen die afhankelijk zijn van jouw zorg

Je mag de zorgkosten alleen aftrekken als ze boven de drempel uitkomen. Die drempel hangt af van je verzamelinkomen (en bij fiscaal partners van jullie gezamenlijke verzamelinkomen).

Door bepaalde behandelingen en kosten in 1 kalenderjaar te laten vallen (bijvoorbeeld de tandarts of fysiotherapie), haal je sneller de drempel en dus meer belastingvoordeel.

LET OP: Alleen kosten die je in 2025 hebt betaald, tellen mee voor de aangifte 2025. De factuurdatum maakt niet uit – de betaaldatum wel.

Veranderingen in het pensioenstelsel: wat zijn de gevolgen van deze wijziging

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

De overheid heeft besloten om het pensioenstelsel te herzien, en dit heeft gevolgen voor zowel werkgevers als werknemers. De veranderingen zijn behoorlijk ingrijpend, en het is belangrijk dat je als ondernemer goed op de hoogte bent van de nieuwe regels. In deze blog wordt uitgelegd wat de belangrijkste veranderingen zijn, wat de gevolgen voor werknemers zijn, en wie er recht heeft op compensatie. Daarnaast de veranderingen met het pensioen van werknemers die van baan veranderen of stoppen met werken vóór de AOW-leeftijd.

Wat verandert er in het pensioenstelsel?

Het nieuwe pensioenstelsel zorgt ervoor dat alle pensioenen vanaf 1 januari 2028 aan de nieuwe wetgeving voldoen en draait om een verschuiving van het huidige systeem, waarin de opbouw van pensioen wordt berekend op basis van een garantiebedrag, naar een systeem dat meer rekening houdt met de werkelijke rendementen van de pensioenfondsen. Dit betekent dat het pensioen van werknemers minder voorspelbaar wordt, omdat het gekoppeld is aan de beleggingsresultaten van het pensioenfonds.

Een ander belangrijk aspect van de veranderingen is dat pensioenregelingen transparanter moeten worden. Dit betekent dat werknemers nu beter inzicht krijgen in de kosten van hun pensioen en hoe het rendement van hun beleggingen hun uiteindelijke pensioen beïnvloedt.

Voor werkgevers betekent dit dat je pensioenregeling mogelijk moet worden aangepast. De opbouw en de wijze waarop de pensioenpremies worden geïnvesteerd, zullen anders zijn dan voorheen.

Wat zijn de gevolgen voor werknemers?

De veranderingen in het pensioenstelsel hebben direct invloed op de pensioenopbouw van werknemers. Voor veel werknemers betekent dit dat hun pensioen minder zeker is dan voorheen, omdat het gebaseerd wordt op de rendementen van het pensioenfonds en niet op een vast bedrag per jaar.

  1. Minder zekerheid over de hoogte van het pensioen: In het oude systeem was er meer duidelijkheid over de hoogte van het pensioen, omdat het ging om een vast percentage van het salaris. In het nieuwe systeem kunnen de pensioenbedragen variëren afhankelijk van het rendement van de beleggingen. Dit maakt het pensioen minder voorspelbaar, wat voor sommige werknemers een nadeel kan zijn.
  2. Meer verantwoordelijkheid voor werknemers: Werknemers krijgen meer inzicht in hun eigen pensioenopbouw. Dit betekent dat ze zelf meer verantwoordelijkheid krijgen voor hun pensioen en de keuzes die ze maken over hun beleggingen. Dit kan voor sommige werknemers verwarrend zijn, vooral als ze niet goed begrijpen hoe de rendementen van hun pensioenfondsen werken.

Wie heeft recht op compensatie?

Er is een specifieke groep werknemers die recht heeft op compensatie door de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel. Dit betreft werknemers die in het oude systeem een beter pensioen opbouwden dan in het nieuwe systeem. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn voor oudere werknemers die al lang in het pensioenfonds zitten en een relatief hoog pensioen opbouwen.

De overheid heeft aangekondigd dat er een compensatieregeling komt voor werknemers die door de overgang naar het nieuwe systeem een lagere pensioenopbouw zullen hebben. De compensatie is bedoeld om de nadelen van de veranderingen te verzachten voor deze groep. Dit geldt vooral voor werknemers die door de overgang met een lager pensioen te maken krijgen, bijvoorbeeld omdat de beleggingen minder opleveren dan de gegarandeerde opbouw in het oude systeem. Wie komt in aanmerking voor compensatie?

  • Werknemers die bij de overstap naar het nieuwe systeem een lager pensioen opbouwen dan ze onder het oude systeem zouden hebben gedaan.
  • Werknemers met een langere pensioenopbouw (vooral oudere werknemers), die meer nadeel ondervinden van de nieuwe regeling.
  • Werknemers die binnen een paar jaar hun pensioen willen opnemen en daardoor de voordelen van het oude systeem verliezen.

Als werkgever moet je goed op de hoogte zijn van de voorwaarden voor compensatie, zodat je je werknemers tijdig kunt informeren en de juiste stappen kunt zetten.

Conclusie

De veranderingen in het pensioenstelsel zijn ingrijpend en zullen zowel werkgevers als werknemers beïnvloeden. Als werkgever ben je verantwoordelijk voor het goed informeren van je werknemers over deze veranderingen en het zorgen voor de administratieve afhandeling. Als je als werkgever bent aangesloten bij een bedrijfstak pensioenfonds (bv Pensioenfonds Metaal en Techniek, Pensioenfonds Zorg en Welzijn, Pensioenfonds Detailhandel, BPL pensioen agrarische sector etc.) dan zal je van het pensioenfonds informatie ontvangen over de wijzigingen. Deze pensioenfondsen hebben ook informatie voor de werknemers zodat je je werknemers voldoende kan informeren.

Heb je echter een eigen pensioenregeling afgesloten bij een pensioenverzekeraar (bv Brand New Day, ASR, Zwitserleven etc.) informeer dan bij je tussenpersoon of bij de pensioenverzekeraar wat de consequenties zijn van de overstap naar de nieuwe pensioenwetgeving en informeer je werknemers over deze wijziging of laat je tussenpersoon de werknemers informeren.

Werkkostenregeling 2025 (WKR)

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Vrije ruimte

Uitgangspunt van de wkr is dat alle vergoedingen en verstrekkingen aan werknemers loon vormen, ook als het gaat om kosten die 100% zakelijk zijn. Er is een vrije ruimte waarbinnen vergoedingen en verstrekkingen belastingvrij gegeven kunnen worden. De vrije ruimte bedraagt in 2025 2,0% over de eerste € 400.000 van de fiscale loonsom en 1,18% over het meerdere.

Is het totale bedrag aan vergoedingen en verstrekkingen aan uw werknemer hoger dan de vrije ruimte, dan moet u over het meerdere een zogenaamde eindheffing van 80% betalen. Wellicht kunt u uitkeringen geheel of gedeeltelijk belastingvrij doen, bijvoorbeeld in de vorm van een vergoeding voor reiskosten. Mogelijk hebt u nog een deel van de vrije ruimte over om een vergoeding belastingvrij uit te betalen.

Voor bepaalde vergoedingen en verstrekkingen gelden aparte vrijstellingen, die niet ten laste komen van de vrije ruimte. Wanneer de vergoeding hoger is dan de daarvoor geldende norm, dan is het deel boven de norm belastbaar loon van de werknemer. Er zijn ook verstrekkingen die op nihil worden gewaardeerd. Daarvoor hoeft dus geen bedrag bij het loon geteld te worden.

Gerichte vrijstelling thuiswerkkosten

Er is een gerichte vrijstelling voor de vergoeding van kosten van thuiswerken opgenomen in de wet. Vergoedingen tot een bedrag van € 2,40 (2025) per thuisgewerkte dag of gedeelte daarvan zijn vrijgesteld. Voor een werkdag kan niet zowel de vrijstelling voor een thuiswerkvergoeding als de vrijstelling voor een vergoeding voor kosten van woon-werkverkeer worden toegepast. Wel kan op een thuiswerkdag een vergoeding voor een dienstreis worden toegekend. Op basis van de verhouding thuiswerkdagen en werkdagen op de vaste werkplek kan een combinatie van thuiswerk- en reiskostenvergoeding worden gegeven.

Het is weer tijd voor eindejaar regelingen

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Het einde van het jaar komt snel dichterbij en dat betekent dat er allerlei administratieve en fiscale zaken geregeld moeten worden. Om ervoor te zorgen dat u geen belangrijke deadlines mist, hebben wij enkele zaken op een rijtje gezet die u beter voor het nieuwe jaar kunt regelen.

1. Leningen aan de eigen vennootschap

Elk jaar wordt op 31 december gecontroleerd of uw lening aan de eigen vennootschap boven de € 500.000 uitkomt. Is dit het geval, dan wordt het bedrag boven deze drempel belast als inkomen uit aanmerkelijk belang (box 2). Het is verstandig om de schuld op tijd te herzien en indien nodig aanpassingen te maken om extra belasting te voorkomen.

2. Werkkostenregeling: controleer uw ruimte

De Werkkostenregeling (WKR) bepaalt of vergoedingen en verstrekkingen aan uw werknemers belast zijn. Wanneer u de vrijgestelde ruimte overschrijdt, betaalt u 80% belasting over het overschot. Door de regeling tijdig te controleren, kunt u voorkomen dat u onverwacht extra belasting moet betalen. Dit is ook het moment om te bepalen of er ruimte is voor een extra eindejaarbonus voor uw werknemers, zodat u hen net dat extraatje kunt geven.

3. Verbreking fiscale eenheid VPB

Heeft u plannen om de fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting op te heffen? Dit kan eenvoudig door een verzoek in te dienen bij de Belastingdienst, maar let op: dit verzoek moet vóór 1 januari ingediend worden als u het voor het nieuwe jaar wilt laten ingaan. Hoewel er geen strikte voorwaarden zijn voor het verbreken, kunnen er wel fiscale gevolgen zijn die het beste vooraf geanalyseerd kunnen worden.

4. Lijfrenteaftrek: vóór 31 december betalen

Wilt u gebruik maken van de aftrekbaarheid van lijfrentepremies? Zorg er dan voor dat de betaling vóór 31 december is gedaan, zodat u het belastingvoordeel kunt benutten voor het huidige jaar. Dit geldt voor premies die zijn betaald in het kader van uw jaarruimte of reserveringsruimte.

Door deze zaken tijdig te regelen, voorkomt u niet alleen belastingnadelen, maar houdt u uw bedrijf ook in goede financiële gezondheid. Een beetje planning kan u veel voordeel opleveren in het nieuwe jaar.

Kasadministratie verdient extra aandacht

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Ontvangt u (een deel van) uw omzet contant, dan bent u wettelijk verplicht om een deugdelijke kasadministratie bij te houden. Dat is geen sinecure, want de sancties kunnen ingrijpend zijn. Wat moet u zich realiseren en doen?

In de horeca is dit bijna altijd aan de orde, zeker bij bar-, restaurant- en terrasomzet. Let op.  Doet u dit niet of niet goed, dan voldoet u niet aan de administratieplicht en loopt u risico op correcties, naheffingen en omkering van de bewijslast.

Gevolgen van gebrekkige administratie

Ontbreekt uw kasadministratie of is deze ondeugdelijk, dan mag de Belastingdienst de contante omzet schatten. In bezwaar of beroep geldt dan omkering en verzwaring van de bewijslast: u moet zelf overtuigend aantonen dat de schatting onjuist is. In de praktijk is dat vaak lastig, dus een zorgvuldige kasadministratie is essentieel.

Wat hoort er in een goede kasadministratie? Leg dagelijks de volgende zaken vast:

  • het beginsaldo van de kas;
  • de contante omzet (af te lezen van de Z-afslag van uw kassasysteem);
  • de contante uitgaven (met omschrijving en bon);
  • de stortingen van kas naar bank en opnamen van bank naar kas;
  • uw privéopnamen en privéstortingen;
  • het eindsaldo (boeksaldo) van de kas;
  • het daadwerkelijk aanwezig kasgeld (op telmoment);
  • een eventueel kasverschil.

Btw. De administratie hoeft in het kasboek niet uitgesplitst te worden naar btw-groepen, maar uw totale administratie moet wel de omzet per btw-tarief (21%/9%) kunnen opleveren. Zonder kassa onderbouwt u dit via een verbruiks-/voorraadadministratie (beginvoorraad + inkoop -/- eindvoorraad) en koppelt u de productgroepen aan het juiste btw-tarief.

Kasverschillen verwerken

Kasverschillen zijn in de horeca bijna onvermijdelijk. Vindt u de oorzaak van het kasverschil (bijv. een vergeten bonnetje), dan corrigeert u dit door alsnog de juiste boeking te maken.

Vindt u de oorzaak niet? Dan geldt bij een:

  • kasoverschot: dit boekt u als omzet. Hierover bent u btw verschuldigd;
  • kastekort: dit boekt u als een privéopname. U mag dit niet aftrekken als kosten. Ook mag u hier geen btw over aftrekken.

Hoeveel btw over een kasoverschot? In de horeca heeft u vaak te maken met zowel het lage btw-tarief (9%) als het hoge btw-tarief (21%). Een kasoverschot moet u naar rato van uw omzetverhouding over deze btw-tarieven verdelen.

Voorbeeld. Stel, de omzet is volgens de Z-afslag:

  • € 800 eten/drinken (9% btw);
  • € 200 alcoholhoudende dranken (21% btw);
  • totaal = € 1.000 omzet.

U constateert een kasoverschot van € 20. Verdeling naar rato is dan 80% van het kasoverschot (€ 16) wordt toegerekend aan het 9%-tarief. Omzet exclusief btw is € 16 / 1,09 = € 14,68. De af te dragen btw bedraagt € 16 -/- € 14,68 = € 1,32. 20% van het kasoverschot (€ 4) wordt toegerekend aan het 21%-tarief. Omzet exclusief btw is € 4 / 1,21 = € 3,31. De af te dragen btw bedraagt € 4 -/- € 3,31 = € 0,69.

Bewaarplicht (zeven jaar!). U bent verplicht om uw kasadministratie zeven jaar te bewaren, waaronder:

  • digitale kassabestanden (transactie- en dagtotalen);
  • Z-afslagen en eventuele X-afslagen;
  • (klad)kasboek en onderliggende kladaantekeningen of briefjes.

Let op.  Digitale kassagegevens moeten digitaal bewaard blijven. Een papieren uitdraai vervangt het digitale bronbestand niet. Mijn Tip: Omdat veel kassa’s een beperkt geheugen hebben en oude data overschrijven, is het belangrijk dat u tijdig back-ups maakt.

Ontbreekt uw kasadministratie of is deze ondeugdelijk, dan mag de Belastingdienst de contante omzet schatten. In bezwaar of beroep geldt dan omkering en verzwaring van de bewijslast. U moet zelf overtuigend aantonen dat de schatting onjuist is. In de praktijk is dat vaak lastig, dus een zorgvuldige kasadministratie is essentieel.

Digitaliseren, wat kunnen we leren?

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Ons leven vindt steeds meer plaats in een digitale wereld. Van zelf boodschappen scannen bij de supermarkt tot het indienen van fiscale aangifte bij de belastingdienst. Niemand ontkomt er meer aan. Wat gaat u er bij ons van merken vanaf 1 januari 2026?

  • Vanaf 1 januari 2026 worden door ons de administratie in Afas SB+ verwerkt, waarbij we gebruik maken van scan en herken. Dat betekent dat uw gehele boekhouding digitaal wordt.
  • Het is zelfs mogelijk om uw verkoopfacturen te maken en bankbetalingen via de boekhoudsoftware uitvoeren.
  • Het is mogelijk om u periodiek te voorzien van presentaties van uw financiële administratie waarop u goede managementbeslissingen kunt maken. Deze presentaties kunnen we zelfs specifiek op uw wens aanmaken/aanpassen.
  • Het ondertekenen van jaarstukken en fiscale aangifte gaan voortaan digitaal via ons klantportaal.

Op de achtergrond zijn wij druk bezig met de voorbereiding zodat de overgang gesmeerd verloopt. Binnenkort ontvangen veel klanten een bericht met meer details.

Kunt u niet wachten tot de digitaliseringsslag plaatsvind? Dan mag u ten allen tijden vrijblijvend contact opnemen met uw relatiebeheerder. Wij staan u graag te woord.

Massaal bezwaar Aof-premie: een kans, maar zeker geen zekerheid

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

De afgelopen tijd worden veel werkgevers benaderd om deel te nemen aan een collectief bezwaar tegen de Aof-premie. De belofte: mogelijk te veel betaalde premies terugkrijgen. Maar zoals bij elke juridische procedure geldt: de uitkomst is onzeker, en deelname is niet zonder kosten. De Aof-premie is de premie voor het arbeidsongeschiktheidsfonds die alle werkgevers betalen door middel van de aangifte loonheffing. De belastingdienst betaald de ontvangen premie van werkgevers door aan UWV die de uitkeringen verzorgt. Zoals in alle juridische zaken is de uitkomst onzeker en LDE accountants kan niet zeggen wat de uitkomst gaat worden. Wij willen wel iedereen informeren wat de mogelijkheden zijn om bezwaar in te dienen.

Wat is het bezwaar?

Sinds 2022 geldt een gedifferentieerd tarief: kleine werkgevers betalen een lager percentage dan grote werkgevers. In 2025 betaald een kleine werkgever 6,28% Aof en (middel)grote werkgever betaald 7,64%. Critici stellen dat deze differentiatie onterecht is en dat er sprake is van een structureel overschot in het fonds. Hierdoor zouden werkgevers te veel premie hebben betaald.

De belofte van teruggave

Via collectieve bezwaarprocedure https://www.massaalbezwaar.nl/ wordt geprobeerd deze te veel betaalde premie terug te vorderen. Maar er zijn drie belangrijke onzekerheden:
1. Er is geen garantie dat het bezwaar slaagt.
2. Het is onduidelijk of er überhaupt geld wordt teruggegeven.
3. Het percentage van de te veel betaalde premie is onbekend.

Wat kost deelname?

Deelname aan het massaal bezwaar is niet gratis. De kosten zijn als volgt:
– Kleine werkgevers: €1.000 voor 5 jaar
– (Middel)grote werkgevers: €1.500 voor 5 jaar
– Succesfee: 20% van het bedrag dat u eventueel terugkrijgt

Deze kosten zijn onafhankelijk van de uitkomst. U betaalt dus altijd € 1.000 of € 1.500, ook als het bezwaar wordt afgewezen.

Bovenstaande kosten zijn kosten voor massaal bezwaar als u zelf alle gegevens doorgeeft. Wilt u dat wij de loonsommen etc. doorgeven en u bijstaan in het bezwaar dan zijn daar ook nog kosten aan verbonden van de door ons bestede tijd keer uurtarief.

Voorbeeldberekeningen: wanneer is deelname gunstig?

Om inzicht te geven in de mogelijke financiële uitkomst, hebben we enkele scenario’s doorgerekend. We gaan uit van een loonsom over 5 jaar en twee mogelijke premiekortingen: 0,5%-punt en 1,5%-punt. Er gaan meerdere geluiden op dat werkgevers 1,5%-punt teveel betaald hebben maar deze uitkomst is uiterst onzeker.

Kleine werkgever (loonsom €100.000 per  jaar):

PremiekortingTeruggaveSuccesfee (20%)Vaste kostenNetto voordeel
0,5%-punt€2.500€500€1.000€1.000
1,5%-punt€7.500€1.500€1.000€5.000

Kleine werkgever (loonsom €500.000 per  jaar):

PremiekortingTeruggaveSuccesfee (20%)Vaste kostenNetto voordeel
0,5%-punt€12.500€2.500€1.000€9.000
1,5%-punt€37.500€7.500€1.000€29.000

Middelgrote werkgever (loonsom €1.000.000 per jaar):

PremiekortingTeruggaveSuccesfee (20%)Vaste kostenNetto voordeel
0,5%-punt€25.000€5.000€1.500€ 18.500
1,5%-punt€75.000€15.000€1.500€ 58.500

Middelgrote werkgever (loonsom €2.000.000 per jaar):

PremiekortingTeruggaveSuccesfee (20%)Vaste kostenNetto voordeel
0,5%-punt€50.000€10.000€1.500€38.500
1,5%-punt€150.000€45.000€1.500€103.500

Ons advies

Bij LDE Accountants geloven we in transparantie en maatwerk. Wij adviseren u om:
• De kosten en baten goed af te wegen
• Niet te handelen op basis van groepsdruk of emotie op basis van bovenstaande   rekenvoorbeelden
• Juridisch advies in te winnen vóór deelname
• Alleen deel te nemen als het potentiële voordeel opweegt tegen de kosten

Conclusie

Massaal bezwaar tegen de Aof-premie is een interessante mogelijkheid, maar geen zekerheid. De kosten zijn concreet, de uitkomst onzeker. Wilt u weten wat dit voor uw organisatie betekent? Neem contact op met uw adviseur bij LDE Accountants. Wij denken graag met u mee.

Let op dat wij ook niet weten of bezwaar geaccepteerd zal worden.

Wellicht is je SBI-code gewijzigd – check je gegevens

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Elke onderneming in Nederland heeft één of meerdere SBI-codes. Deze codes staan in het Handelsregister en zijn gekoppeld aan je activiteitenomschrijving. Ze laten zien wat je bedrijf doet.

In september 2025 zijn veel codes aangepast. Het is dus slim om te controleren of jouw activiteitenomschrijving én SBI-code(s) nog kloppen.

Wat heeft de KVK gedaan?
Tussen 5 en 7 september 2025 heeft de  KVK de SBI-codes in het Handelsregister vernieuwd. Dat deden ze op basis van de activiteitenomschrijving die bij jouw bedrijf staat. Log in bij Mijn KVK (met DigiD) en kijk of alles nog klopt. Is de omschrijving verouderd? Pas hem dan aan. Je kunt ook zelf een voorstel doen voor een passende code. Daarna kent de KVK de juiste SBI-code toe.

Waarom is dit belangrijk?
Een verkeerde SBI-code kan vervelende gevolgen hebben. Denk aan:

  • mislopen van subsidies;
  • een lening die niet wordt goedgekeurd;
  • hogere verzekeringspremies;
  • onverwachte verplichtingen, zoals een pensioenregeling.

Overheden, banken en verzekeraars gebruiken je SBI-code namelijk voor dit soort beslissingen. Start je nieuwe activiteiten, stop je ergens mee of verandert je hoofdfocus? Geef dit altijd door via Mijn KVK of het wijzigingsformulier.

Waarom nieuwe codes?
SBI-codes worden ongeveer eens in de 15 jaar vernieuwd, op Europees niveau. Nieuwe bedrijfsmodellen komen erbij (bijvoorbeeld platformbedrijven en duurzaamheid), oude verdwijnen (zoals videotheken). Zo sluiten de codes weer beter aan op de praktijk en zijn internationale statistieken beter te vergelijken.

Wat is er veranderd?

  • Viercijferige codes kregen een extra cijfer (een nul).
  • Online en fysieke verkoop zijn samengevoegd tot één code, omdat veel bedrijven beide doen.
  • Nieuwe codes zijn toegevoegd, zoals voor marktplaatsen en vergelijkingssites.

Meer weten? Kijk op cbs.nl/sbi.

Heb je vragen neem dan contact met ons op!