Meer flexibiliteit binnen aflossingsregeling coronabelastingschuld

Voor u gelezen: Meer flexibiliteit binnen aflossingsregeling coronabelastingschuld

Op de website van de Rijksoverheid staat dat het kabinet de bestaande betalingsregeling wil versoepelen voor bedrijven die tijdens corona een belastingschuld hebben opgebouwd. Zo kan tegemoet worden gekomen aan de problemen die in de kern gezonde ondernemingen ervaren bij het aflossen van de belastingschuld. Dat staat in een brief die staatssecretaris Van Rij naar de Tweede Kamer stuurt naar aanleiding van een internetconsultatie en gesprekken met ondernemersorganisaties.

Ondernemers konden tijdens de coronacrisis tijdelijk uitstel van belastingbetaling krijgen als onderdeel van het coronasteunpakket. Sinds april is het steunpakket afgelopen en vanaf 1 oktober 2022 hebben ondernemers vijf jaar de tijd om deze opgebouwde belastingschuld af te lossen. Momenteel hebben 279.000 ondernemers nog een openstaande belastingschuld van 21 miljard euro. In totaal hebben zo’n 400.000 ondernemers gebruik gemaakt van het tijdelijk uitstel. Een deel van de ondernemers die gebruikt heeft gemaakt van dit belastinguitstel heeft de schuld al deels of volledig afbetaald. Hierdoor is inmiddels ruim de helft van het oorspronkelijke bedrag van 47 miljard euro al afgelost.

Het kabinet ziet twee mogelijkheden om in de kern gezonde ondernemingen meer flexibiliteit te bieden bij het terugbetalen. Dit kan door te betalen maandbedragen per kwartaal te mogen voldoen en door een incidentele betaalpauze mogelijk te maken binnen de bestaande betalingsregeling. Dit kan helpen voor bijvoorbeeld bedrijven met een sterk wisselende omzet door seizoensinvloeden. 

Meer informatie vind u op https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2022/07/01/meer-flexibiliteit-binnen-aflossingsregeling-coronabelastingschuld

Indien u nog vragen heeft kunt u contact opnemen, 013-5340001.

Bron: Rijksoverheid

Handhaving op schijnzelfstandigheid vanaf 2025

De Belastingdienst gaat uiterlijk vanaf 1 januari 2025 weer handhaven op schijnzelfstandigheid. Dit betekent dat de fiscus weer gaat controleren of zelfstandigen die werken voor opdrachtgevers niet eigenlijk ‘verkapte’ werknemers zijn. In dat geval moet de werkgever namelijk alsnog loonheffingen afdragen.

De arbeidsrechtelijke en fiscale positie van zzp’ers is al jaren een heet hangijzer. Het valt namelijk niet altijd mee om onderscheid te maken tussen een ‘echte’ zelfstandige en iemand die in naam wel zzp’er is, maar in feite gelijk valt te stellen aan een werknemer. In dat geval moet de werkgever ook loonheffingen afdragen. Ook heeft de werknemer dan recht op bijvoorbeeld een WW-uitkering bij ontslag.

Al jaren een moratorium op handhaving

Tot 2016 moest in dit soort gevallen de Verklaring Arbeidsrelaties (VAR) uitkomst bieden. Een zzp’er liet met de VAR zien dat hij zelfstandig ondernemer was en dat de werkgever voor hem geen loonheffingen hoefde af te dragen. In 2016 is de VAR vervangen door de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (Wet DBA). Die werkt met modelcontracten voor sectoren, waarmee opdrachtgever en opdrachtnemers konden aantonen dat er géén sprake was van een dienstbetrekking. De Wet DBA bleek op z’n zachtst gezegd geen succes en zorgde voor grote onrust op de arbeidsmarkt. Daarom is destijds besloten om de handhaving op deze regels op te schorten. Dat zou tijdelijk zijn, maar dit handhavingsmoratorium geldt inmiddels nog steeds. Alleen bij ‘kwaadwillende’ werkgevers kan de Belastingdienst momenteel handhavend optreden en eventueel een correctie, naheffingsaanslag of boete opleggen.

Handhaving vanaf 2025, kan ook eerder worden

Aan die situatie komt dus uiterlijk vanaf 1 januari 2025 een eind, meldt het kabinet. Vanaf dan wordt het moratorium sowieso opgeheven, maar het kan ook nog eerder worden. Het hangt er namelijk sterk vanaf of de Belastingdienst het kan uitvoeren én of het lukt om duidelijke regels op te stellen voor de positie van zzp’ers. Het kabinet wil in elk geval nu vast duidelijk maken dat de handhavingspauze vanaf 2025 stopt, zodat de markt zich daar op kan voorbereiden.

Tegelijkertijd merkt het kabinet op dat ‘enige vorm van onrust’ onvermijdelijk is, nu de handhaving zo lang heeft stilgelegen. De Belastingdienst zal straks ook vooral gaan inzetten op het geven van duidelijkheid vooraf, zodat werkgevers weten waar ze aan toe zijn. Het kabinet komt in het najaar nog met een brief over werken als zelfstandige, waar ook maatregelen in zullen staan die de onrust moeten beperken.

Aanpak fiscale verschillen en verduidelijking regels

Naast de handhaving wil het kabinet ook andere knelpunten bij de aanpak van schijnzelfstandigheid in samenhang tackelen. Zo maakt het fiscaal gezien veel uit of iemand een zzp’er of werknemer is. Een zzp’er die voldoet aan het urencriterium (tool) heeft namelijk recht op ondernemersaftrek. Dit onderscheid wil het kabinet onder meer verkleinen door de snellere afbouw van de zelfstandigenaftrek. Ook is in het regeerakkoord al afgesproken dat er op termijn een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen komt.

Daarnaast is er behoefte aan duidelijkere wet- en regelgeving. Dit moet het grijze gebied verkleinen waarin niet duidelijk is of iemand als zelfstandige of als werknemer werkt. Over het verduidelijken van wetgeving volgt vóór de zomer nog een aparte hoofdlijnenbrief van het ministerie van Sociale Zaken.

Indien u nog vragen heeft kunt u contact opnemen, 013-5340001.

Nu al beginnen met aflossen van coronabelastingschulden?

De mogelijkheid om bijzonder uitstel van betaling vanwege corona te krijgen, is beëindigd. U moet als ondernemer dus weer gewoon direct aan uw fiscale verplichtingen voldoen. Maar hoe gaat u om met de opgebouwde coronabelastingschuld?

Einde coronasteunmaatregelen

Weer direct voldoen
Sinds 1 april 2022 bestaat er geen bijzondere regeling meer voor uitstel van betaling van belastingschulden vanwege de coronacrisis. Dit betekent dat uw onderneming haar fiscale verplichtingen weer direct moet voldoen. Alle belastingen waarvoor u op of na 1 april 2022 aangifte doet, moet u weer op tijd betalen. Ook belastingen waarvan de betaaldatum op of na 1 april 2022 ligt, moet u gewoon op tijd betalen.

Vanaf welke tijdvakken
Doet u op of na 1 april 2022 aangifte over een of meer van de hiernavolgende tijdvakken?

  • Derde vierwekenperiode van 2022.
  • Maart 2022.
  • Eerste kwartaal van 2022.

In dat geval zijn dit de tijdvakken waarover u voor het eerst niet alleen op tijd aangifte moest doen, maar ook weer op tijd moest betalen. Het bedrag van een aangifte over de derde vierwekenperiode van 2022 moest uiterlijk 27 april 2022 op de rekening van de Belastingdienst staan. Het bedrag van een aangifte over maart 2022 moest uiterlijk 30 april 2022 zijn gestort. Dat geldt ook voor het bedrag van een aangifte over het eerste kwartaal van 2022.

Afbetalen belastingschulden 60 maanden de tijd
Veel ondernemingen hebben een behoorlijke belastingschuld opgebouwd tijdens de coronacrisis. U krijgt van 1 oktober 2022 tot 1 oktober 2027 de tijd om deze belastingschuld af te betalen.
U betaalt dan elke maand een vast bedrag aan de Belastingdienst. 

Let op: De uiterste betaaldatum van de eerste termijn is 31 oktober 2022.

Invorderingsrente

De Belastingdienst rekent wel rente (invorderingsrente) over uw coronabelastingschuld. Om de gevolgen van de coronacrisis te matigen, is deze rente flink verlaagd. Voor de periode van 23 maart 2020 tot en met juni 2022 bedraagt deze namelijk slechts 0,01%.

Daarna wordt deze stapsgewijs verhoogd naar 1% (tot 1 januari 2023) en uiteindelijk 4% (vanaf 1 januari 2024). 

Let op:
 Dit betekent dus dat u reeds voor de start van de afbetalingsregeling invorderingsrente betaalt over uw belastingschuld.

Nu al terugbetalen
Daardoor kan het aantrekkelijk zijn om reeds nu te starten met het aflossen van uw belastingschuld. Betaalt u voor 1 oktober 2022 al een deel van uw belastingschuld terug, dan wordt het maandelijkse bedrag van uw betalingsregeling lager. Betaalt u vanaf de start van de terugbetalingsregeling (dus na 1 oktober 2022) extra terug, dan blijft uw maandbedrag gelijk, maar zal de looptijd van uw regeling korter worden. Dit levert u ook een rentevoordeel op.

Overzicht Belastingdienst
Vanaf begin april verstuurt de Belastingdienst brieven met een overzicht van de tot en met 31 januari 2022 opgebouwde belastingschuld en de voorwaarden van de betalingsregeling. In juli volgt er een brief met de definitieve hoogte van de totale coronaschuld die onder de betalingsregeling valt en het bijbehorende te betalen maandbedrag.

Individuele afspraak maken
Kunt u op dit moment niet aan uw fiscale verplichtingen voldoen of verwacht u dat de betalingsregeling vanaf 1 oktober 2022 niet haalbaar is voor uw onderneming? Neem dan contact op met de Belastingdienst voor het maken van een individuele, specifieke afspraak omtrent de aflossing van uw belastingschuld.

Betaalt u voor 1 oktober 2022 al een deel van uw coronabelastingschuld terug, dan wordt het maandelijkse bedrag van uw betalingsregeling lager. Betaalt u na 1 oktober 2022 extra terug, dan blijft uw maandbedrag gelijk, maar wordt de looptijd van de regeling korter. Beide opties leveren u een rentevoordeel op.

Indien u nog vragen heeft kunt u contact opnemen, 013-5340001.

Buitenlandse BTW 2020 terugvragen vòòr 30 september 2021

Wanneer mag u buitenlandse btw terugvragen?

Om via de Nederlandse Belastingdienst btw terug te vragen uit een ander EU-land, moet u aan bepaalde voorwaarden voldoen. Wij zetten ze voor u op een rij:

  • uw onderneming is in Nederland gevestigd;
  • uw onderneming hoeft geen btw te betalen (en hiervan aangifte te doen) in de lidstaat waar u de btw terugvraagt;
  • u gebruikt de betaalde goederen/diensten voor activiteiten die u recht geven op btw-aftrek.

U kunt geen btw terugvragen als u geen ondernemer bent voor de btw of uitsluitend vrijgestelde goederen en diensten levert.

Waar moet u op letten bij het terugvragen van btw?

Let goed op de juistheid van uw facturen. Zijn deze goed gescand? En zijn de facturen volledig? Andere zaken waar u op moet letten: staat er terecht buitenlandse btw op de factuur of had de btw misschien naar u verlegd moeten worden? Heeft u één van de goederen zelf opgehaald en naar Nederland vervoerd? Of heeft u een buitenlandse auto gekocht met buitenlandse btw? Al deze zaken kunnen van invloed zijn op uw verzoek.

Dien uw verzoek op tijd in

Uw verzoek over in 2020 betaalde btw moet binnen zijn vóór 30 september 2021. Verzoeken die na deze datum binnenkomen, worden mogelijk door het andere EU-land niet meer in behandeling genomen.

Let op! Dien uw verzoek niet op het laatste moment in. De portaal van de Belastingdienst kan overbelast raken waardoor uw aanvraag pas na 30 september binnenkomt. Het gevolg is dat uw verzoek te laat wordt doorgestuurd waardoor uw bedrijf de gevraagde btw niet terugkrijgt. EU-lidstaten hoeven te laat binnengekomen verzoeken niet in behandeling te nemen.

Indien u nog vragen heeft kunt u contact opnemen, 013-5340001.

Fouten die gemaakt worden bij de BTW aangifte

1. De verkeerde maanden meenemen in je btw-aangifte.

Nadat je je onderneming hebt ingeschreven bij de Kamer van Koophandel, ontvang je een bericht van de Belastingdienst. In dat bericht staat hoe vaak je btw-aangifte moet doen. Dit is onder andere gebaseerd op je (verwachte) omzet. Betaal je per kwartaal meer dan €15.000 aan btw, dan moet je maandelijks aangifte doen. Betaal je per jaar minder dan €1.883 aan btw, dan doe je dit jaarlijks. De meeste ondernemers doen ieder kwartaal aangifte.

De deadline voor de aangifte is één maand na afloop van het kwartaal. Let goed op dat je de juiste maanden in de aangifte verwerkt. Een voorbeeld: je moet uiterlijk eind april de btw-aangifte over het eerste kwartaal indienen. Sommige ondernemers nemen per ongeluk ook de gefactureerde en betaalde btw van de maand april mee in die aangifte. Maar de btw-bedragen van de maand april moeten verwerkt worden in de btw-aangifte van het tweede kwartaal.

LET OP: als je niets aan te geven hebt, moet je toch je btw-aangifte op tijd indienen!

2. De betaaldatum gebruiken in plaats van de factuurdatum

De meeste ondernemers gebruiken het ‘factuurstelsel’ bij de btw-aangifte. De datum die op de factuur staat bepaalt bij welk kwartaal de factuur hoort. Het maakt niet uit of er pas in een volgende kwartaal betaald wordt. Kijk daarom goed naar de factuurdatum en voorkom dat je de factuur in het verkeerde kwartaal boekt.

3. Tot het allerlaatste moment wachten met insturen en betalen

Stuur niet op het allerlaatste moment je btw-aangifte in, maar houd genoeg tijd over voor de betaling. De betaling moet namelijk voor het verstrijken van de deadline op de rekening van de Belastingdienst staan. Bovendien zal je net zien dat de server van de Belastingdienst eruit ligt als je op de valreep je aangifte wilt versturen.

LET OP: Het niet op tijd inleveren van je btw-aangifte of niet tijdig betalen van je btw kan leiden tot een boete van de Belastingdienst.

4. Pas op het laatste moment je administratie bijwerken

Laat je administratie niet liggen tot vlak voor de deadline. Het bijwerken van je boekhouding wordt een enorme berg werk als je er net voor je btw-aangifte aan begint. Dat levert onnodige stress op. Houd je regelmatig bezig met je administratie. Een up-to-date boekhouding zorgt er bovendien voor dat je beter inzicht hebt in hoe het met je bedrijf gaat.

5. Btw terugvragen voor zakelijke etentjes

Als je eet of drinkt in een horecagelegenheid of als een cateraar in een speciale ruimte een etentje verzorgt, mag je de btw over die kosten niet terugvragen. Je kunt deze kosten overigens wel aftrekken van de winst.

6. Je bonnetje kwijtraken

Bonnetje kwijt? ‘Helaas’ zegt de Belastingdienst, ‘geen bon is geen voorbelasting’. Als je geen bonnetje hebt, mag je geen btw terugvragen, omdat je bij een controle van de Belastingdienst geen bewijsstuk kunt laten zien.

Je kunt ervoor kiezen om de bonnetjes in te scannen om dit te voorkomen

7. Inkoopfacturen en bonnen die niet voldoen aan de factuureisen

De inkoopfacturen en bonnetjes waarvan je de btw wilt terugvorderen, moeten wel voldoen aan de eisen die de belastingdienst aan facturen stelt. Als je factuur niet aan deze eisen voldoet mag je de btw niet terugvragen.

8. Verschillende btw-tarieven niet uitsplitsen

Er kunnen meerdere btw-tarieven op één inkoopfactuur staan, bijvoorbeeld 21%, 9%, 0% etc. Controleer bij het terugvorderen of je de btw van de inkoopfactuur op juiste wijze hebt uitgesplitst per btw tarief.

Indien u nog vragen heeft kunt u contact opnemen, 013-5340001.

Extra uitstel voor ondernemers vanwege problemen bij de Belastingdienst.

Vanwege een storing was het vrijdag 31 juli tijdelijk niet mogelijk om BTW aangiften en loonaangiften in te dienen via de website van de belastingdienst.
“Mijn Belastingdienst Zakelijk” was uit de lucht, net op het moment dat vele ondernemers hun maand- of kwartaal-aangifte wilden indienen.

Die technische problemen zijn dezelfde dag nog opgelost. De belastingdienst heeft desondanks besloten om tot vrijdag 7 augustus uitstel te verlenen voor die aangiften, zodat getroffen ondernemers aangiften alsnog tijdig kunnen indienen en dus zonder dat een boete wordt opgelegd.

Op de website van de belastingdienst staat daarom deze boodschap:

Lukt het door deze storing niet om op tijd aangifte te doen voor de btw of loonheffingen? Doe dit dan zo snel mogelijk nadat de storing is opgelost, maar uiterlijk 7 augustus. We beschouwen uw aangifte dan nog als op tijd. Dat betekent dus ook dat u geen boete krijgt. Zorg er wél voor dat u op tijd betaalt.
(https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/bldcontentnl/berichten/verstoringen/mijn-belastingdienst-niet-bereikbaar)

Bent u getroffen door deze storing, doe dan alsnog de aangifte en betaal op tijd.

Heeft u vragen naar aanleiding van bovenstaande: neem contact op met uw relatiebeheerder of met de heer E. van Erve.

Wij zijn u graag van dienst.