Werkkostenregeling

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Werkkostenregeling

Concernregeling werkkostenregeling

Het is mogelijk om de vrije ruimte te benutten van alle vennootschappen waar u directeur groot aandeelhouder van bent als u minimaal 95% van de aandelen in uw bezit heeft van de dochterondernemingen.U kunt dus bijvoorbeeld alle kerstpakketten via één onderneming bestellen en hoeft dit dus niet door te factureren naar de andere ondernemingen of apart te bestellen bij de crediteur.

De actuele  informatie over de vrije ruimte van alle ondernemingen kunt u vinden in NMBRS, onder de loonrun van de laatste maand.

U kunt dan zien hoeveel vrije ruimte er in het jaar 2018 nog over is voor o.a. kerstpakketten, personeelsuitjes, verjaardag cadeaus.

 

Toelichting werkkostenregeling t.b.v. administratie

Als er op het eind van het jaar nog vrije ruimte over is dan is het ook mogelijk om eventuele bonussen of niet aanwijsbare onkostenvergoedingen uit te keren aan personeel of aan u zelf als DGA.

Dit kan dan vrij van belasting, er is dan dus geen loonbelasting verschuldigd.

Het is dus belangrijk dat u de kosten die vallen onder de werkkostenregeling goed administreert zodat u in december 2018 weet hoeveel vrije ruimte er nog over is.

De bedragen moet u inclusief BTW meenemen voor de werkkostenregeling.

Zorg ervoor dat u onder de grens van de werkkostenregeling blijft want anders krijgt u een naheffing voor de loonbelasting van 80% boven het maximale bedrag in de vrije ruimte.

Heeft u nog vragen, neem dan contact met ons op (013-5340001).

 

Opstart administratie 2018

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Opstart administratie 2018

Men is weer volop bezig om de administratie van 2017 af te ronden en eerdaags te starten met de administratie van 2018.

Hieronder geven we een overzicht van een aantal zaken waar u zoal rekening mee moet houden;

  • Zorg voor nieuwe mappen waar de facturen en bankafschriften in opgeborgen kunnen worden, (mocht u deze niet digitaal bewaren);
  • De papieren administratie van 2017 kunt u opbergen in het archief, deze dient u 7 jaar te bewaren i.v.m. een eventuele belastingcontrole;
  • Beoordeel de openstaande posten van de debiteuren en crediteuren per 31-12-2017. Hier staan mogelijk foute boekingen bij, corrigeer deze dan nog in de administratie voor de omzetbelasting afsluiting. Indien de debiteuren terecht openstaan maar de betalingstermijn is verstreken, stuur dan de klant een aanmaning/herinnering of bel de klant even op dat er nog een factuur openstaat. Het beste is om dit periodiek bij te houden zodat u nooit te lang op uw geld hoeft te wachten;
  • Zet de factuurnummering goed voor 2018, als u een jaarcyclus bij de factuur nummering gebruikt, zoals 2018001;
  • Bij de boekhoudpakketten Snelstart en Imuis online moet een jaarovergang/afsluiting uitgevoerd worden zodat de beginsaldi van de bank en kas worden overgenomen naar 2018.Dit voert u op de volgende wijze uit:

    Imuis online

    U gaat naar financieel en dan vervolgens naar jaaraansluiting

    Snelstart

    U gaat naar boekhouden en dan vervolgens naar boekjaar afsluiten, u kiest vervolgens voor het overnemen van de beginbalans voor alle balansrekeningen. Nu kunt u kiezen voor jaar 2017 afsluiten

 

Indien u nog vragen heeft over de afsluiting van 2017 en de opstart van 2018 verzoeken wij u contact op te nemen (013-5340001).

 

Zorg voor een urenadministratie!

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Zorg voor een urenadministratie!

Het urencriterium is de sleutel tot vele fiscale gunstregelingen voor IB-ondernemers. Denk aan de zelfstandigenaftrek, de startersaftrek, de oudedagsreserve, de aftrek voor speur- en ontwikkelingswerk en de meewerkaftrek.

U moet aannemelijk maken dat u in een kalenderjaar ten minste 1.225 uur aan de onderneming hebt besteed.

Als u geen startende ondernemer (meer) bent, en u verricht naast het werk voor uw onderneming nog andere werkzaamheden (in of buiten dienstbetrekking), dan moet u tevens aannemelijk maken dat van de voor werkzaamheden beschikbare tijd meer dan de helft is besteed aan uw onderneming.

Het is noodzakelijk dat u bijhoudt hoeveel uren u voor de onderneming bezig bent en wat u in die tijd hebt gedaan. Een achteraf opgemaakte urenstaat en/of een te globale urenstaat kan ertoe leiden dat de zelfstandigenaftrek en enkele andere ondernemersfaciliteiten worden geweigerd.

Bij de bestede uren moet u niet alleen denken aan de directe uren. Ook de indirecte uren kunnen meetellen. Denk hierbij aan reisuren (waaronder óók het woon-werkverkeer), overleg en onderhoudswerkzaamheden, telefoongesprekken met klanten, administratievoering, acquisitie, enzovoort. Dergelijke indirecte werkzaamheden worden verricht met het oog op de zakelijke belangen van de onderneming, de daaraan bestede uren tellen mee voor het urencriterium.

Heeft u nog vragen, neem dan contact met ons op (013-5340001).

 

Verlies van digitale administratie, wat nu?

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Verlies van digitale administratie, wat nu ?

De rechter heeft onlangs nog eens bevestigd dat het verlies van digitale administratie, bijvoorbeeld door een computercrash of brand, voor uw rekening komt.

De meeste ondernemingen leggen tegenwoordig hun administratie geheel of gedeeltelijk digitaal vast. Dit zal in de toekomst alleen maar toenemen. Ondanks het gemak van digitaal werken, brengt dit ook een risico met zich mee. Wat als de computer waarop u uw administratie voert crasht? Deze vraag kwam aan de orde in een rechtszaak.

In deze zaak ging het om een onderneming die werkzaam was in de seksindustrie. De belastingdienst stelt een boekenonderzoek in voor de BTW en loonheffingen. Tijdens het boekenonderzoek worden tal van gegevens opgevraagd, zoals bankbescheiden, omzetdagstaten, afschrijvingsstaten en afsprakenboeken.

Volgens de ondernemer is de computer waarop hij de administratie voert, echter gecrasht. Hierdoor zijn de gevraagde gegevens definitief verloren gegaan. De belastingdienst stelt dat niet is voldaan aan de administratieplicht. De bewijslast wordt omgekeerd en de ondernemer ontvangt naheffingsaanslagen gebaseerd op een schatting van de gemaakte omzet. Volgens de ondernemer is er echter sprake van overmacht. Wat kan hij eraan doen dat de computer is gecrasht?

Volgens de rechter is het correct bewaren van de gegevens echter de verantwoordelijkheid van de ondernemer. Dat hij hiervan geen back-up heeft gemaakt, kan hem worden aangerekend. Er is dus geen sprake van overmacht.

Zorg ervoor dat zowel uw schriftelijke als uw digitale administratie goed bewaard blijft. Maak waar nodig kopieën en back-ups. Bewaar de back-ups buiten uw bedrijf, anders bent u bijvoorbeeld bij brand of een inbraak alsnog de klos. Een back-up in de cloud of bij uw boekhouder of accountant kan een oplossing zijn.

Heeft u nog vragen, neem dan contact met ons op (013-5340001).

Nieuw regeerakkoord: aangekondigde maatregelen voor ondernemers

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Vennootschapsbelastingplichtige ondernemingen

De belangrijkste veranderingen voor vennootschapsbelastingplichtige ondernemingen, zoals bv’s, nv’s, coöperaties, bepaalde stichtingen en verenigingen zijn als volgt:

De tarieven in de vennootschapsbelasting gaan vanaf 2019 in stappen omlaag: het lage tarief in de eerste tariefschijf wordt uiteindelijk 16% (nu nog 20%) en het hoge tarief 21% (op dit moment 25%).

Het voorstel tot het verlengen van de eerste tariefschijf van € 200.000 naar uiteindelijk € 350.000 wordt weer teruggedraaid, als compensatie voor het verlagen van de tarieven.

De mogelijkheid om af te schrijven op vastgoed in eigen gebruik wordt beperkt: nu mag nog worden afgeschreven tot 50% van de WOZ-waarde, maar in de toekomst mag niet verder worden afgeschreven dan tot op 100% van de WOZ-waarde.

De mogelijkheid om ondernemingsverliezen in latere jaren te verrekenen wordt versoberd. Op dit moment kunnen verliezen worden verrekend met winsten in de 9 jaren na het verliesjaar. Deze termijn gaat naar 6 jaar.

Directeur-grootaandeelhouders (dga)

Als dga heeft u een aanmerkelijk belang in een BV als u 5% of meer van de aandelen bezit. De inkomsten uit een dergelijk belang, zoals dividenden en winsten bij verkoop, zijn in de inkomstenbelasting belast in box 2. Het tarief daarvoor is op dit moment nog 25%. Het kabinet is van plan om dit tarief in een paar stappen te verhogen, namelijk naar 27,3% in 2020 en uiteindelijk 28,5% in 2021.

Natuurlijk persoon/ondernemer

Heeft u een eenmanszaak, of bent u als natuurlijk persoon vennoot in een maatschap of vennootschap onder firma? Dan kunt u onder voorwaarden gebruik maken van de zelfstandigenaftrek. Op dit moment kunt u deze aftrekken tegen het hoogste tarief dat bij u van toepassing is in de inkomstenbelasting (maximaal 52%). In de toekomst kunt u deze aftrek alleen nog benutten tegen het tarief in de laagste tariefschijf (waarschijnlijk 36,93%). Dit wordt in stappen ingevoerd.

Daarnaast zijn ook de volgende ontwikkelingen van belang:

De huidige dividendbelasting wordt afgeschaft. Dit zal in binnenlandse verhoudingen vooral leiden tot vermindering van administratieve lasten. Deze maatregel leidt bij dividenduitkeringen binnen Nederland niet tot wezenlijke veranderingen in de belastingdruk, omdat de dividendbelasting een voorheffing is die meestal verrekend kan worden door de ontvanger van het dividend. Bij dividenden die aan buitenlandse ontvangers uitbetaald worden, is wel sprake van een verlaging van de belastingdruk. Dit maakt Nederland aantrekkelijker voor buitenlandse investeerders.

 

Heeft u nog vragen, neem dan contact met ons op (013-5340001).

 

Einde actie balansschulden btw

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Einde actie balansschulden btw

In 2013 kondigde de belastingdienst aan meer aandacht te besteden aan btw-schulden op de balans van ondernemingen. Reden hiervoor was dat er teveel verschillen werden geconstateerd tussen de op de balans opgenomen btw-schulden en de ingediende reguliere btw-aangiften. De constatering van de belastingdienst vloeide voort uit het feit dat in de aangifte inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting een specificatie van de balansschulden btw moest plaatsvinden.

In het kader van ‘Actie balansschulden BTW’ werd door de belastingdienst een plan van aanpak opgesteld en ook richtlijnen voor het opleggen van boetes. Bij balansschulden tot € 50.000 werd alleen een verzuimboete van 10% van de ten onrechte niet voldane btw opgelegd. Bij balansschulden van meer dan € 50.000 aan btw werd een onderzoek uitgevoerd.

De belastingdienst heeft besloten om het project ‘Actie balansschulden BTW’ in 2017 te beëindigen.  Vanaf die datum vervallen ook de uitgangspunten over het opleggen van bestuurlijke boete die in 2013 voor dit project zijn geformuleerd. De normale regels ten aanzien van de btw-aangiften, suppleties en boetes zijn weer van toepassing.

Dat betekent nu dat bij een vrijwillige verbetering via een suppletie geen vergrijpboete wordt opgelegd en geen verzuimboete als het via de suppletie te betalen bedrag € 20.000 of minder bedraagt of als het bedrag van de suppletie minder bedraagt dan 10% van het bedrag van de belasting over het tijdvak waarop de suppletie betrekking heeft, eerder per saldo is betaald dan wel terugontvangen. In overige gevallen wordt bij een suppletie een verzuimboete opgelegd van 5% tot het maximum van € 5.278.

Indien er geen suppletie wordt ingediend, dan heeft de belastingdienst de mogelijkheid om en 2 boetes op te leggen vanwege:

  1. Het niet indienen van een suppletieaangifte; en
  2. Het niet tijdig afdragen van de btw

Het maximum van beide boetes gezamenlijk bedraagt 100% van de verschuldigde btw.

Heeft u nog vragen neem dan contact met ons op (013-5340001).

Uit eten zakelijk of privé?

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Uit eten zakelijk of privé?

Als u met een klant uit eten gaat hoe moet u dit dan administratief verwerken.

Het belangrijkste is dat u kunt aantonen dat het etentje zakelijk is, dit kunt u het beste doen door op de bon te schrijven met wie u uit eten bent geweest en in uw (zakelijke) agenda deze afspraak ook daadwerkelijk in te plannen al valt deze eventueel buiten werktijden.

Bovenstaande zaken worden gecontroleerd bij een belastingcontrole.

Er wordt in de fiscale aangifte een correctie gemaakt voor een vast forfait percentage van 26,50% voor het privé gebruik van het etentje.

Dit deel is niet aftrekbaar van uw fiscale winst van de onderneming.

De BTW is niet aftrekbaar als u deze nuttigt in een horecagelegenheid met een zakenrelatie, dus zorg ervoor dat u in uw administratiepakket een aparte grootboekrekening aanmaakt voor lunches en diners, dan kunt u in de inrichting van de grootboekkaart de BTW uit zetten.

Als u een zakelijke relatie bijvoorbeeld bij u op kantoor een zakenlunch aanbiedt dan is de BTW wel aftrekbaar.

Het forfait percentage van 26,50% blijft wel van toepassing.

Heeft u nog vragen neem dan contact met ons op (013-5340001).

 

 

 

 

 

 

Grote ondernemer moet mkb’er eerder betalen

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Grote ondernemer moet mkb’er eerder betalen

Bent u mkb’er of zzp’er en levert u goederen of diensten aan grote ondernemingen? In dat geval moet u wellicht ongewenst lang wachten op de betaling. Betalingstermijnen van 60 dagen of langer blijken vaak voor te komen. Die grote afnemer is echter heel belangrijk voor u, dus u kunt zich hier moeilijk tegen verzetten. U bent in wezen de grote onderneming renteloos aan het voorfinancieren, terwijl u zelf in de problemen komt. Er is echter goed nieuws. Grote ondernemingen moeten voortaan een maximale betaaltermijn van 60 dagen hanteren in hun overeenkomsten met mkb-bedrijven en zzp’ers. Overeenkomsten met een langere betaaltermijn worden nietig verklaard en van rechtswege omgezet in een betaaltermijn van 30 dagen. Betaalt het grootbedrijf pas na 30 dagen? In dat geval is het bedrijf van rechtswege de wettelijke handelsrente van 8% verschuldigd over de dagen waarmee de 30-dagentermijn wordt overschreden. Dit staat in een wetsvoorstel waarmee de Eerste Kamer op 7 maart 2017 heeft ingestemd. De datum waarop de wet in werking treedt moet nog worden bepaald.

Die betaaltermijn van 60 dagen was er toch al? Sinds 16 maart 2013 geldt al een wettelijke maximale betalingstermijn van in beginsel 60 dagen. Voor de overheid geldt een termijn van 30 dagen. U mag sindsdien ook zonder enige aanmaning of ingebrekestelling € 40 aan incassokosten in rekening brengen. Daarnaast kunnen partijen ook na de aanmaning volgens een staffel meer incassokosten in rekening brengen. Niet natuurlijke personen mogen daarbij ook hogere buitengerechtelijke incassokosten afspreken. Deze wettelijke betalingsregeling heeft echter het betalingsgedrag tussen ondernemers en tussen ondernemers en de overheid niet verbeterd. De betalingsachterstanden zijn sinds de recessie zelfs opgelopen in plaats van teruggelopen. Dat komt met name door de uitzonderingsmogelijkheid die de wet biedt, waardoor grote ondernemers toch pas na 60 dagen mogen betalen zonder dat zij daarvoor worden beboet. Het onlangs aangenomen wetsvoorstel stelt hier nu paal en perk aan. •

Voor vragen of advies neem contact met ons op (013-5340001).

Heeft u onbetaalde facturen ouder dan 1 jaar?

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Onbetaalde facturen ouder dan 1 jaar

Heeft u als ondernemer onbetaalde facturen liggen waarop u de BTW al wel als voorbelasting in aftrek hebt gebracht?

Houd er dan rekening mee dat u die BTW binnen één jaar na het opeisbaar worden van de factuur alsnog moet afdragen.

Doet u dat niet, dan kan u dat op een naheffing met boete komen te staan.

Per 1 januari 2017 is de herziening van omzetbelasting wegens niet-betaling aangepast.

De wet hanteert nu een fictietermijn van één jaar, voor de teruggaaf van BTW als de afnemer niet betaald, maar ook voor de terugbetaling door afnemers die de hun in rekening gebrachte BTW al wél hebben verrekend, maar nog niet betaald.

Voor de per 1 januari 2017 openstaande facturen is de éénjaarstermijn direct van toepassing.

Voor de terugbetaling van BTW begint die termijn te lopen op het tijdstip van het opeisbaar worden: voor een factuur die op 1 juni 2016 opeisbaar is geworden moet de BTW per 1 juni 2017 worden afgedragen.

Voor oude facturen, die al in 2015 opeisbaar zijn geworden, is de fictietermijn van een jaar per 1 januari 2016 ingegaan. De op die facturen in aftrek gebrachte omzetbelasting had per 1 januari 2017 afgedragen moeten worden.

Onze tip is om de openstaande postenlijst van de crediteuren door te lopen en te beoordelen of dat er posten opstaan die ouder dan één jaar zijn, neem vervolgens contact op met ons kantoor om te beoordelen hoe bepaalde zaken aan te pakken om deze boete te voorkomen bij een belastingcontrole.

Voor vragen neem contact met ons op (013-5340001).

Kentekencamera’s geen bewijs, einde aan de bijtelling?

» Wist je dat wij op zoek zijn naar een nieuwe collega (assistent) accountant? Lees snel verder!

Kentekencamera’s geen bewijs, einde aan de bijtelling?

 

Wat is er gebeurt?
Vrijdag 24 februari 2017 heeft de Hoge Raad bepaald dat de Belastingdienst geen gebruik mag maken van de gegevens die de KLPD verzamelt met haar ANPR camera’s (Automatic Number Plate Recognition = kentekenherkenning).

Die camera’s maken inbreuk op de privacy. Dat werd door de Belastingdienst weliswaar erkend, maar ondergeschikt geacht aan haar taak om belastingopbrengst te genereren (in dit geval door fiscale overtredingen vast te stellen). De Hoge Raad besliste echter dat die redenering niet opgaat en dat de privacy voorrang heeft.

 

Wat was de aanleiding?

Als er met een auto van de zaak jaarlijks niet meer dan 500 kilometer voor privédoeleinden gereden wordt is er geen bijtelling verschuldigd, de zogenaamde “regeling geen privégebruik”. Voorwaarden zijn onder andere dat de berijder zich meldt bij de Belastingdienst en dat hij/zij een gedetailleerde administratie bijhoudt van alle gereden kilometers.

De Fiscus controleert die kilometeradministraties soms en maakt daarbij ook gebruik van de gegevens van de kentekencamera’s van de KLPD. Enkele berijders hebben die handelwijze aan de rechter voorgelegd omdat ze van mening waren dat de Belastingdienst onrechtmatig gebruik maakte van die gegevens.

 

Is controle op privégebruik nu onmogelijk en kan ik me daarom aanmelden voor de regeling geen privégebruik?

Neen. Als de fiscus het privégebruik van de auto van de zaak wil corrigeren, kan ze weliswaar geen gebruik meer maken van de gegevens van de kentekencamera’s van de KLPD. Dat wil echter niet zeggen dat er geen controle op de kilometeradministratie meer mogelijk is. Alleen dat die controle voor de fiscus moeilijker wordt.

In feite gaan we hiermee terug naar situatie van enkele jaren geleden, toen die controles ook zonder ANPR gegevens gedaan werden (en ook toen al regelmatig leidden tot naheffing).

 

Ons advies:

Meldt u alleen aan voor de “regeling geen privégebruik” als u inderdaad minder dan 500 kilometer voor privé met uw auto van de zaak rijdt en als u bereid en in staat bent om de gereden kilometers volledig te documenteren.

 

Is dat het einde van de zaak?

Naar mijn mening niet, ik acht de kans behoorlijk groot dat de wet aangepast wordt om de fiscus toegang te geven tot –sommige- gegevens van de kentekencamera’s.

En vervolgens dat deze nieuwe wet voorgelegd zal worden aan de rechter om getoetst te worden aan artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

 

Mocht u naar aanleiding van dit blog nog vragen hebben of nadere informatie wensen, dan verzoeken wij u om contact met ons op te nemen (013-5340001).